Wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen: van aftrekbare bestedingen naar belastingverminderingen

28/02/2013 - Pierre-François Coppens - Studiedienst

De meest sprekende maatregel van de wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen (BS 20 december 2012, 4de editie) is ongetwijfeld dat de belastingaftrekken in verband met een hele reeks uitgaven omgezet worden in belastingverminderingen.

We onderstrepen vooraf dat twee uitgaven niet door de wijziging worden beoogd : de onderhoudsuitkeringen en de aftrek voor enige woning (de aftrek voor enige woning zal naar de Gewesten worden overgeheveld)1.

Voor de andere uitgaven zal voortaan een vermindering op de te betalen belasting worden toegepast, en geen aftrek meer van de belastbare grondslag worden verricht, zoals voorheen. De uitgaven waarvoor de aftrek vervangen wordt door een belastingvermindering van 45% zijn de giften en de uitgaven voor kinderopvang. De uitgaven waarvoor de aftrek vervangen wordt door een belastingvermindering van 30% zijn de bezoldigingen van een huisbediende en de uitgaven voor onderhoud en restauratie van erkende monumenten en landschappen.

Op het eerste gezicht lijkt een maatregel waarmee rechtstreeks een belastingvermindering kan worden bekomen aanlokkelijk. Maar in werkelijkheid benadeelt die maatregel heel wat gezinnen met een gemiddeld inkomen (vanaf 36 300 euro voor aanslagjaar 2013). Als we uitgaan van een marginaal tarief van rond de 54% (aanvullende gemeentebelasting inbegrepen), bedraagt het verschil tussen de nieuwe belastingvermindering en de vroegere aftrek van de belastbare grondslag tegen het marginaal tarief ongeveer 22% voor de aftrekken die vervangen worden door een belastingvermindering van 30 % en 5,5% voor de aftrekken die vervangen worden door een belastingvermindering van 45%2. We staan dus voor een verzwaring van de belastingdruk.

Zoals Bernard Mariscal terecht opmerkt «moet er trouwens ook op gewezen worden dat dergelijke omzetting van aftrek in belastingvermindering een aantal neveneffecten (om niet te zeggen nevenschade) zal meebrengen. Daar het netto belastbaar inkomen hoger zal zijn, zal de maatregel ook gevolgen hebben voor een hele reeks andere fiscale voordelen, zoals de belastingvermindering voor pensioenen en vervangingsinkomsten (vooral de belastingvermindering voor werkloosheidsuitkeringen zal getroffen worden), het belastingkrediet voor dienstencheques, enz.»3. (vrije vertaling)

En ook elke andere toekenning of elk ander niet-fiscaal voordeel dat afhankelijk is van het netto-inkomen van een gezin zal de weerslag ervan ondervinden.

Deze vermindering van het fiscaal voordeel zal, samen met de afschaffing van een aantal fiscale stimuli voor energiebesparende uitgaven, de betrokken sectoren verzwakken.
Zij houdt ook het gevaar in van een vermindering van het aantal giften, die voor het voortbestaan van gespecialiseerde instellingen nochtans vaak onontbeerlijk zijn. En ook de instellingen en personen die instaan voor de kinderopvang, zullen onder de wetswijziging lijden.

Deze techniek die erin bestaat de methode van aanrekening van een fiscaal voordeel te veranderen, is meer dan een kosmetische ingreep en helemaal niet neutraal. Het is niet zeker dat iedereen de draagwijdte ervan goed heeft ingeschat.

Ook het feit dat deze wijziging, samen met tal van andere maatregelen, in een verzamelwet werd ingepast, en ze aldus in het geheel te doen vervagen, is op zijn minst een dubieuze ingreep.
 

----------------------------------------------------

1. Parl.St., Kamer, zitting 2012-2013, nr. 2458/003, p. 7.
2. Voor de gedetailleerde berekeningen, lees het artikel van Émile Masset, « La voie glissante des réductions fiscales
    qui remplacent les déductions d’impôt », weekoverzicht van 2 februari 2013, op www.fiscalnet.be.
3. B. Mariscal, Transformations de déductions en réductions d’impôt, Actualités fiscales, Kluwer, 2013, nr. 5.

Thema's: Fiscaliteit > Personenbelasting (PB)
Kernwoord(en):