Btw op esthetische prestaties

19/10/2015 - IAB - FOD Financiën

Hier is het voorontwerp, evenals de memorie van toelichting, in verband met de afschaffing van de btw-vrijstelling voor bepaalde esthetische ingrepen en behandelingen. De teksten werden vrijdag 16 oktober 2015 door de ministerraad goedgekeurd, zijn een uitvoering van punt 4.1.5. van het federaal regeerakkoord en zullen deel uitmaken van het wetsontwerp houdende bepalingen ter versterking van de jobcreatie en de koopkracht (de tax shift-wet).
 
De maatregel houdt in dat bepaalde esthetische ingrepen en behandelingen verricht door artsen voortaan niet meer vrijgesteld zullen zijn van btw. Het gaat om esthetische prestaties die niet zijn opgenomen in de nomenclatuur of, indien ze in de nomenclatuur toch zouden zijn opgenomen, niet beantwoorden aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor tegemoetkoming overeenkomstig de reglementering betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen.
 
In de mate dat aan voorgaande voorwaarden voldaan is, gaat het bijvoorbeeld om borstvergrotingen, borstverkleiningen, borstlifts, abdominoplastie of hangbuikcorrectie, liposucties, facelifts, wenkbrauwlifts, oog-, oor- en neusoperaties, maar ook permanente ontharing met IPL (intense pulsed light), IPL-huidverjonging, cellulitisbehandelingen en injecties met botox en restylane.
 
Ook voor de medische verzorging en de ziekenhuisverpleging (en alle daarmee nauw samenhangende handelingen) van een patiënt die een dergelijke behandeling ondergaat, vervalt de btw-vrijstelling.
 
Tevens werd van de gelegenheid gebruikgemaakt om het oude artikel 44, § 1, 2° van het BTW-Wetboek te herstructureren en rationaliseren door de medische en paramedische beroepen van elkaar te onderscheiden. De btw-vrijstelling van de belasting geldt alleen maar voor prestaties verricht door de wettelijk geregelde paramedische beroepen, die limitatief opgesomd zijn in de memorie van toelichting. De vrijstelling voor de paramedische beroepen is overigens beperkt tot de diensten van verzorging die voorkomen in de nomenclatuur, ongeacht het aantal nomenclatuurprestaties dat recht geeft op terugbetaling door het RIZIV.
 
Deze wetswijziging treedt normaal gezien in werking op 1 januari 2016. Uiteraard moet een en ander nog wel voor advies worden voorgelegd aan de afdeling wetgeving van de Raad van State.

Thema's:
Kernwoord(en):