Strijd tegen het witwassen van geld: problematiek van de corruptie

31/10/2013 - IAB

In artikel 5 van de wet van 11 januari 1993 worden een aantal misdrijven opgesomd, die geld of activa genereren en waarvan de herkomst in toepassing op de antiwitwaswet illegaal is. Onder andere wordt “verduistering door personen die een openbare functie uitoefenen en corruptie” door diezelfde wet expliciet vermeld.

Corruptie – die a priori in verband kan worden  gebracht met politiek prominente personen als gevolg van een groter risico uit hoofde van de functie die ze uitoefenen of uitgeoefend hebben – kan ook in rekening worden gebracht bij de waakzaamheidsplicht ten aanzien van de cliënten, de uiteindelijke begunstigden, maar eveneens voor wat de transparantie van vennootschapsstructuren betreft.

In dit kader heeft de Financial Action Task Force (FATF) onlangs een reeks aanbevelingen (‘The use of the FATF recommendations to combat corruption’) gepubliceerd. Meer bepaald punt III, ‘Risk factors relevant to corruption’, verdient bijzondere aandacht van de economische beroepsbeoefenaars, de advocaten en de notarissen.

Thema's: Beroep > Deontologie
Kernwoord(en):